Femke Heemskerk zwaait af: ‘Kan bij geldnood altijd nog de bediening in’

November 11, 2021

Comments: 0

Donderdag 11 November 2021- Na een lange en succesvolle zwemcarrière begint Femke Heemskerk (34) donderdag bij de International Swimming League in Eindhoven aan haar afscheidstournee. De ‘Golden Girl’ is klaar met het keurslijf van het topsportbestaan, zegt ze in gesprek met NU.nl. “Het is alsof ik voor het eerst naar buiten mag, maar geen TomTom bij me heb.”

Vroeg opstaan, strakke trainingsschema’s, voedingspatronen en veel reizen; Heemskerk leefde ruim zestien jaar strikt volgens de routines van de topsport. Maar na de Olympische Spelen in Tokio veranderde het heilige vuur in een waakvlam. De motivatie om te trainen nam af en de altijd zo gedisciplineerde zwemster merkte dat ze niet meer alles voor de sport wilde geven.

“Ik was opeens met mezelf aan het onderhandelen tijdens trainingen”, blikt Heemskerk terug op de periode na de Spelen. “Zo van: als ik deze oefening nou drie keer doe, mag ik dat andere onderdeel skippen. Dat onderhandelen met mezelf heb ik, op momenten tijdens de lockdown na, echt nooit gehad. Daardoor ben ik me af gaan vragen of ik het zwemmen wel zou gaan missen.”

Bij wedstrijden in Napels dit najaar kwam Heemskerk tot de conclusie dat ze nog altijd geniet van wedstrijden zwemmen, maar dat ze haar privéleven niet meer wil laten lijden onder het topsportersbestaan. Met tientallen internationale medailles op zak, waaronder een olympische titel op de 4×100 vrij in 2008, kondigde ze begin oktober in gesprek met de NOS haar afscheid aan.

“Ik kreeg regelmatig de vraag of ik zou stoppen en ik merkte dat ik dat vervelend begon te vinden. Daarom wilde ik graag duidelijkheid scheppen”, zegt Heemskerk. “In de media werd vaak geschreven dat ik in de herfst van mijn carrière zit, met een toon alsof ik binnenkort een punt achter mijn loopbaan zou zetten.” Lachend: “Als het aan de Nederlandse pers had gelegen, was ik jaren geleden al gestopt.”

‘Mijn loopbaan heeft veel van me gevergd’

Uitgerekend in de laatste maanden van haar loopbaan wist Heemskerk boven zichzelf uit te stijgen. Op de EK in mei veroverde ze op de 100 meter vrije slag haar eerste individuele langebaantitel op een groot toernooi en bij de Spelen in Tokio plaatste zich voor het eerst voor een olympische finale op een individueel nummer (100 vrij). Ze greep net naast het brons en tikte aan als zesde.

Je stopt na een jaar vol hoogtepunten en de Olympische Spelen in Parijs zijn al over drie jaar. Zijn er geen mensen die tegen je hebben gezegd: waarom stop je in hemelsnaam?

“Ik heb eigenlijk alleen maar hartverwarmende reacties gehad. Als mensen niet begrijpen waarom ik stop, weten ze ook niet wat het leven van een topsporter allemaal met zich meebrengt. Het heeft heel veel van me gevergd. Ik weet dat ik nog harder kan zwemmen, maar ik kan het niet meer opbrengen om mijn hele leven aan zwemmen te wijden. Ik heb gedurende mijn carrière vaak nee moeten zeggen tegen dingen die ik graag zou willen doen. Dat wil ik niet meer.”

Wat heeft uiteindelijk de doorslag gegeven?

“Ik heb een heel goed gesprek gehad met Johan Kenkhuis (oud-zwemmer en analist, red.), die zei dat ik me moest afvragen wat ik nog zou kunnen leren. Daar heb ik lang over nagedacht. Ik kwam tot de conclusie dat ik afgelopen seizoen heel veel heb geleerd en dat er niks is dat daar nog bovenop kan komen. Daarnaast was ik lang op zoek naar een moment om er met een bang uit te gaan en dat is nu wel gelukt. Ik heb er vrede mee.”

‘Soms vroeg ik me wel af of het ooit nog goed zou komen’

Na een internationale loopbaan van bijna zeventien jaar, die begon bij de WK in 2005, blijft met name haar hegemonie op de 4×100 meter vrij hangen. Samen met Ranomi Kromowidjojo, Marleen Veldhuis en Inge Dekker won Heemskerk tussen 2008 en 2012 praktisch alles wat er te winnen viel. Het ongenaakbare viertal werd omgedoopt tot de ‘Golden Girls’, die in 2008 olympisch goud veroverden en vier jaar later in Londen nipt als tweede eindigden.

De dieptepunten waren er ook, jaren later. In 2015 koos Heemskerk ervoor om naar Frankrijk te gaan en zich onder de vleugels van coach Philippe Lucas voor te bereiden op de Spelen in Rio de Janeiro. De loodzware trainingen van de Fransman hadden een desastreus effect op het lichaam van de Roelofarendsveense, die teleurstelde in Rio en daarna terugkeerde bij coach Marcel Wouda in Eindhoven.

Wouda zei onlangs dat jij er in 2016 zó slecht aan toe was, dat hij niet had verwacht dat je de Olympische Spelen in Tokio zou halen. Heb jij jezelf ook verbaasd?

“Na Rio voelde ik me fysiek écht niet goed en dat maakte het mentaal zwaar. Er waren wel momenten dat ik me afvroeg of het ooit nog goed zou komen. Het maakte me toen niet uit of ik nog hard zou zwemmen, ik wilde alleen maar dat het weer goed zou gaan met mijn lichaam. Het was pas na de EK in Glasgow (2018, red.) dat ik voelde: ik kan dit nog en ik wil dit nog.”

Ik kan me voorstellen dat het lekker is dat de Spelen in Tokio nu je laatste Spelen zijn geweest, en niet die in Rio de Janeiro.

“Rio was gewoon een nare ervaring, dus dat was voor mezelf niet leuk geweest nee. Dat speelde ook mee in mijn motivatie om door te gaan tot Tokio, waar ik uiteindelijk mijn beste race heb gezwommen. De voorbereiding was mede door de coronapandemie wel loodzwaar, omdat ik veel op mezelf aangewezen was. Na mijn laatste wedstrijd heb ik alleen maar gehuild. Ik was tot in mijn botten vermoeid.”

In Tokio zwom je je laatste grote toernooi, maar je sluit je carrière af met de ISL. Uitgerekend een toernooi in teamverband dat ook nog eens in Eindhoven wordt gehouden. Is dat voor jou een droomafscheid?

“Het is vooral een symbolisch afscheid, maar voor mezelf is het wel belangrijk dat ik echt bewust ervaar dat dit mijn laatste wedstrijden worden. Ik had het lastig gevonden als ik was gestopt in de wetenschap dat mijn laatste race al achter me lag. Het is extra mooi dat mijn familie en vrienden kunnen kijken. Ik train wel iets minder dan ik altijd deed, dus ik hoop dat ik daar straks mee wegkom.”

Nu.nl-