Minister Albert Ramdin heeft verklaard dat Suriname en Guyana momenteel in gesprek zijn over hun grensgeschil. De belangrijkste vraag waarover wordt gedebatteerd is of de Boven-Corantijn een voortzetting is van de Corantijnrivier. Eerdere pogingen om dit probleem op te lossen door middel van grenscommissies zijn niet succesvol geweest. Beide landen volgen nu hun eigen diplomatieke processen om de kwestie aan te pakken, die ook wel de Southwest Border Issue wordt genoemd.
In 2012 kwamen de ministers van Buitenlandse Zaken van beide landen overeen het grensprobleem aan te pakken en een grenscommissie op te richten. De commissie werd in 2013 opgericht na overleg tussen de presidenten. De belangrijkste taak van de commissie is het verzamelen en delen van historische documenten om een transparant en eerlijk proces te garanderen.
Sinds 2013 is er een aanzienlijke hoeveelheid werk verricht, waaronder archiefonderzoek in Suriname, Den Haag en Londen. Dit onderzoek heeft geleid tot het uitwisselen van documenten en het maken van rapporten. Dit jaar hebben beide partijen eindrapporten ontvangen, waarmee een nauwgezet proces is afgerond. Het is van belang om vanuit juridisch en historisch perspectief zorgvuldig met deze kwestie om te gaan, aldus de minister van Buitenlandse Zaken. De volgende stap houdt in dat beide commissies bijeenkomen om hun eindrapporten en aanbevelingen te presenteren aan de ministers van Buitenlandse Zaken van Guyana en Suriname. De minister heeft de urgentie uitgesproken om deze gesprekken zo snel mogelijk te laten plaatsvinden, aangezien er al maanden aan gewerkt is.