De huidige actie om grofvuil op te halen in Suriname heeft geen landelijk karakter, maar richt zich op specifieke wijken die door deskundigen als risicogebieden voor een uitbraak van chikungunya zijn aangemerkt. Dit maakte Gezondheidsminister Andre Misiekaba duidelijk tijdens een toelichting in De Nationale Assemblée (DNA). De maatregel maakt deel uit van een breder pakket preventieve acties om verdere verspreiding van de door Aedes-muskieten overgebrachte ziekte te beperken.
Volgens minister Misiekaba concentreert het project zich op gebieden waar de omstandigheden gunstig zijn voor de voortplanting van de Aedes-muskiet, de vector van chikungunya. “Op dit moment kunnen we niet zeggen dat grofvuil landelijk wordt opgehaald. We richten ons op de gebieden die door deskundigen zijn aangegeven. Indien nodig kan dit later worden uitgebreid naar andere locaties,” aldus de minister.
De gerichte aanpak volgt op een stijgend aantal besmettingen. In Suriname zijn inmiddels meer dan 130 bevestigde gevallen geregistreerd, met één sterfgeval. Chikungunya veroorzaakt hoge koorts en ernstige gewrichtspijnen en kan vooral bij kwetsbare groepen tot complicaties leiden.
Het grofvuilophaalproject heeft primair een preventief doel: het voorkomen dat afval en stilstaand water dienen als broedplaatsen voor muskieten. Minister Misiekaba wijst desgevraagd ook op het belang van actieve betrokkenheid van de samenleving zelf. Burgers worden opgeroepen hun woonomgeving schoon te houden, stilstaand water te verwijderen en preventieve maatregelen te treffen, zoals het gebruik