De stijgende goudprijs heeft in 2025 en begin 2026 gezorgd voor extra inkomsten voor de staat. Dat zei minister Adelien Wijnerman van Financiën en Planning vrijdag tijdens een persconferentie. Volgens haar zijn zowel de staatsinkomsten uit de mijnbouw als de internationale reserves merkbaar toegenomen.
Naast hogere belastingopbrengsten zijn ook de niet-belastingontvangsten gestegen. Het gaat daarbij vooral om royalty’s en dividend uit de mijnbouwsector. Door de hogere goudprijzen op de internationale markt namen de inkomsten uit deze sector toe, wat heeft bijgedragen aan een sterkere financiële positie van de overheid ten opzichte van 2024. Hoewel de definitieve cijfers over 2025 nog worden verwerkt, sprak de minister van een “positieve ontwikkeling” in de overheidsfinanciën.
Internationale reserves opgelopen
De internationale reserves zijn volgens de minister eind januari 2026 opgelopen tot ongeveer US$ 1,8 miljard. Dat betekent een importdekking van 7,8 maanden. De stijging van de reserves is volgens haar grotendeels toe te schrijven aan de hogere inkomsten uit de mijnbouwsector, met name goud.
Een sterkere reservepositie is belangrijk voor:
● het ondersteunen van de wisselkoers,
● het betalen van buitenlandse verplichtingen,
● en het opvangen van externe schokken.
Inflatie blijft aandachtspunt
Ondanks de verbeterde inkomsten blijft de inflatie een zorgpunt. De jaarinflatie over 2025 kwam uit op 11,4 procent, tegenover 10 procent in 2024. Volgens Wijnerman hangt dit samen met hogere water- en energietarieven, stijgende voedselprijzen en bredere kostenontwikkelingen binnen de economie.
Royaltykwestie rechtgezet
Tijdens de vragenronde werd ook de hoogte van de goudroyalty aan de orde gesteld. De minister erkende dat in eerdere communicatie een onjuiste vermelding was gedaan. Het geldende tarief bedraagt 5,5%. Een eventuele verlaging naar 4,5% wordt nog behandeld. De eerder genoemde 3,5% was volgens haar een omissie.
De hogere goudprijs biedt op korte termijn meer financiële ruimte. Tegelijk blijft de vraag hoe structureel deze verbetering is, aangezien de economie nog sterk afhankelijk is van mijnbouwinkomsten. De minister benadrukt dat economische diversificatie noodzakelijk blijft om minder kwetsbaar te zijn voor schommelingen in grondstofprijzen.