Minister Marinus Bee van Binnenlandse Zaken (Biza) wil de personeelswetgeving aanpassen om sneller en effectiever te kunnen optreden tegen onrechtmatige situaties binnen het ambtenarenapparaat. Volgens de bewindsman maakt de huidige regelgeving het moeilijk om personen die feitelijk niet meer werkzaam zijn voor de overheid uit het systeem te verwijderen.
Bee stelt dat het probleem niet alleen reguliere ambtenaren betreft, maar ook personen die in het verleden als beleidsadviseur of in andere functies zijn benoemd zonder duidelijke grondslag.
“Wanneer mensen eenmaal in het systeem zitten, blijkt het vaak bijzonder moeilijk om hen eruit te krijgen. In sommige gevallen ontvangen personen nog steeds salaris zonder dat daar werkzaamheden tegenover staan”, aldus de minister.
Meer dan 2000 ambtenaren in het buitenland
Volgens Bee verblijven momenteel meer dan 2000 ambtenaren in het buitenland terwijl zij nog altijd op de loonlijst van de overheid staan. Daarom werkt de regering aan een omvangrijke opschoning van het ambtenarenbestand.
De minister benadrukt dat dit proces zorgvuldig en binnen de wettelijke kaders wordt uitgevoerd. Volgens hem moeten alle gevallen afzonderlijk worden onderzocht voordat maatregelen worden genomen.
Sommige betrokkenen hebben volgens Bee aangegeven dat hun salaris wordt gebruikt voor kinderen die in Suriname zijn achtergebleven. Toch vindt de regering dat dergelijke situaties nader moeten worden beoordeeld.
Hervormingen binnen het overheidsapparaat
Daarnaast wordt binnen de overheid gesproken over bredere hervormingen van het personeelsbeleid. Daarbij wordt gekeken naar een systeem waarbij ministers worden ondersteund door deskundigen die niet op basis van politieke voorkeur zijn aangesteld.
Ook wordt de mogelijkheid besproken om functies die direct gekoppeld zijn aan een minister automatisch te laten eindigen wanneer diens ambtstermijn afloopt. Volgens Bee gaat het vooralsnog om voorstellen die deel uitmaken van een bredere hervormingsdiscussie.
Achterstanden bij personeelsdossiers
Wat betreft personeelsdossiers zegt Bee dat de achterstanden bij Binnenlandse Zaken grotendeels zijn weggewerkt. De grootste knelpunten bevinden zich volgens hem bij verschillende vakministeries, waaronder Onderwijs, Wetenschap en Cultuur.
Om vertragingen te verminderen, zal een commissie van deskundigen ondersteuning bieden bij de behandeling van dossiers van onderwijsgevenden, zoals bevorderingen en salarisaanpassingen.
De minister reageerde tevens op klachten dat dossiers te lang bij Biza blijven liggen. Volgens hem blijkt in veel gevallen dat stukken onvolledig worden aangeleverd. “Wij controleren dossiers tegenwoordig eerst op volledigheid voordat zij in behandeling worden genomen,” aldus Bee.
Overleg met vakbonden
De minister gaf verder aan dat de regering in gesprek blijft met vakbonden over arbeidsvoorwaarden en andere vraagstukken binnen de publieke sector. Recent werden gesprekken gevoerd met verschillende organisaties om hun standpunten aan te horen.
Ook met de Confederatie voor Organisaties van Landsdienaren (COL) is overleg gevoerd. Volgens Bee hadden die gesprekken voornamelijk betrekking op secundaire arbeidsvoorwaarden en voorzieningen voor werknemers. De loononderhandelingen moeten nog plaatsvinden.
Achterstanden bij DNV
Ten aanzien van het Directoraat Nationale Veiligheid (DNV) erkende Bee dat er achterstanden bestaan bij de uitbetaling van onder meer voedings- en kledinggelden. Volgens de minister wordt gewerkt aan een spoedige oplossing. “Er mogen geen onnodige achterstanden blijven bestaan. Wij zullen met de nodige voortvarendheid werken om deze kwesties zo snel mogelijk af te handelen”, aldus minister Bee.