De regering heeft vooralsnog geen oorzaak kunnen vaststellen voor de massale vissterfte in de Saramaccarivier. Volgens minister Patrick Brunings van Olie, Gas en Milieu zijn tijdens een eerste inspectie geen onregelmatigheden aangetroffen. Water- en vismonsters zijn inmiddels naar een laboratorium gestuurd. De eerste onderzoeksresultaten worden maandag of dinsdag verwacht.
Minister Brunings gaf in De Nationale Assemblée een toelichting nadat meerdere parlementariërs aandacht hadden gevraagd voor de vissterfte. Volgens hem werd het verschijnsel vrijdag geconstateerd in de middenloop van de Saramaccarivier, ter hoogte van Kamp, ongeveer 100 kilometer vanaf de monding en op vergelijkbare afstand ten noorden van Brokopondo.
De bewindsman wees erop dat zich in het getroffen gebied nauwelijks economische activiteiten voordoen. Alleen in de omgeving van Brokopondo vindt goudwinning plaats. Juist daarom noemt hij de omvang van de vissterfte opvallend en is nader onderzoek noodzakelijk.
Direct na de melding zijn de Nationale Milieu Autoriteit (NMA) en het Nationaal Coördinatiecentrum voor Rampenbeheersing (NCCR) naar het gebied afgereisd. Tijdens de eerste inspectie werden geen zichtbare vervuilingsbronnen of andere afwijkingen aangetroffen. Ook gesprekken met bewoners leverden volgens de minister geen aanwijzingen op over een mogelijke oorzaak.
Wel zijn water- en vismonsters genomen om te onderzoeken of sprake is van chemische stoffen of andere verontreinigingen. In afwachting van de onderzoeksresultaten blijft de waarschuwing aan de bevolking van kracht. Bewoners langs de Saramaccarivier worden dringend geadviseerd geen dode of zieke vissen te vangen, te consumeren of te verkopen. Ook wordt afgeraden rivierwater te gebruiken voor drinkwater, koken of andere huishoudelijke doeleinden. Direct contact met het water dient zoveel mogelijk te worden vermeden.
Volgens Brunings zijn inmiddels maatregelen getroffen om de getroffen gemeenschappen van veilig drinkwater te voorzien. De NMA, het NCCR, de districtscommissarissen en het traditioneel gezag blijven de situatie monitoren.
Daarnaast wordt onderzocht of de vissterfte zich beperkt tot het getroffen riviergedeelte of zich ook verder stroomopwaarts voordoet. “Het is nog te vroeg om conclusies te trekken, maar we zitten er bovenop”, benadrukte minister Brunings.