Het ministerie van Jeugdontwikkeling en Sport (JOS) is gestart met een landelijk schoolpakkettenproject voor 25.000 leerlingen uit sociaal kwetsbare gezinnen. De officiële lancering vond dinsdag 8 september 2026 plaats op O.S. Latour 1, waar de eerste schoolpakketten werden uitgedeeld.
Met het project wil de regering gezinnen met beperkte financiële middelen ondersteunen en ervoor zorgen dat kinderen goed voorbereid aan het schooljaar kunnen beginnen. Voor de districten en het binnenland zijn, in samenwerking met bestuursopzichters en districtscommissariaten, gezinnen geselecteerd die ondersteuning nodig hebben.
Farcia Wongsokarijo, onderdirecteur Algemeen Vormend Onderwijs (AVO), zei in haar toespraak dat onderwijs een belangrijke basis vormt voor de ontwikkeling van kinderen en jongeren en daarmee ook voor de toekomst van Suriname. Om leerlingen hun schoolloopbaan gemotiveerd te laten starten, moeten volgens Wongsokarijo de nodige middelen beschikbaar zijn. Het ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur ondersteunt daarom het initiatief van JOS.
“Met het beschikbaar stellen van 25.000 schoolpakketten verlichten we de financiële lasten van ouders en verzorgers. De inhoud van de tas lijkt misschien uit eenvoudige zaken te bestaan, maar voor een leerling kunnen deze middelen een groot verschil maken. Het geeft ze een gevoel van voorbereiding en dat ze met vertrouwen het schooljaar kunnen beginnen”, stelde Wongsokarijo. Zij riep de jongeren daarnaast op zich in te zetten en in zichzelf te geloven.
Parlementariër Michael Marengo, lid van de vaste commissie voor JOS, stelde dat het project meer omvat dan alleen het verstrekken van een schooltas. Het is volgens hem een belangrijke boodschap om hun best te doen en aan het eind van het schooljaar hun diploma of overgangsrapport te behalen. Daarnaast deed de volksvertegenwoordiger een beroep op de betrokken commissie en uitvoerende instanties om ervoor te zorgen dat de schooltassen daadwerkelijk terechtkomen bij de kinderen die het nodig hebben.
Margo Biervliet, waarnemend directeur Jeugdontwikkeling, benadrukte dat het project een concrete bijdrage moet leveren aan de ontwikkeling en toekomst van kinderen. Volgens haar mag geen enkel kind door een gebrek aan financiële middelen een schooljaar missen. “Daarom zetten we ons in voor gelijke kansen, jeugdparticipatie en het versterken van de positie van jongeren.” De uitvoering van het project is volgens haar mogelijk gemaakt door de inzet van verschillende partners zoals ministeries, scholen, buurt- en jongerenorganisaties, de werkgroep, bestuursdiensten, districtscommissariaten en de media.